Discriminerende vergelijking van mensen met dieren. Wordt niet alleen in de Koran gemaakt, maar nog iedere dag. Allah transformeert joden in varkens en apen. In sommige moskeeën wordt gepredikt dat joden varkens en apen zijn.
Maar ook de christelijke kerkhervormer Maarten Luther gebruikt de vergelijking. Hij noemt joden zeugen en zwijnen.
Koran 5:60. Zeg: "Zal ik u vertellen over degenen wier straf bij Allah erger is dan dit? Dezen zijn het, die Allah heeft vervloekt en over wie Hij Zijn toorn heeft uitgestort en van wie Hij apen, zwijnen en duivelsdienaren heeft gemaakt. Dezen zijn inderdaad in een slechte toestand en ver van het rechte pad afgedwaald." Dit koranvers wordt vaak aangewezen als
de grondslag voor islamitisch
antisemitisme. Volgens de
Koran verandert
Allah een aantal
joden in varkens en
apen, omdat zij andersgelovig zijn. De straf was vooral ingesteld omdat
joden weigerden vrijdag als rustdag te aanvaarden*.
*Bron: http://memri.org/bin/articles.cgi?Page=archives&Area=sr&ID=SR01102).
In enkele andere koranverzen komt de vergelijking terug:
7:166 (En toen zij overtraden, hetgeen hun was verboden, zeiden Wij tot hen: "Weest verachte apen.") en 2:65 (Gij hebt degenen onder u gekend, die inzake de Sabbath overtraden. Alzo zeiden Wij tot hen: "Weest verachte apen."). Ook de overleveringen van
Mohammed, de
Hadith, bevestigen dit.
http://www.americanthinker.com/articles.php?article_id=4208. Afstamming De kwestie van het nageslacht baart zorgen: voor zover bekend is tot nu toe is geen sprake van religieuze
discriminatie in de dierenwereld. Voor het idee dat onderscheid te maken valt tussen joodse, christelijke en andersdenkende
apen en varkens lijkt de (mensen-) wereld nog niet rijp.
Bronvermelding Koranteksten variëren – net als die van het heilige boek van joden en christenen, de Bijbel - per uitgave. De teksten in dit artikel zijn overgenomen van www.islam-info.be. Via de website kan de volledige Koran in het Nederlands worden gelezen en in het Arabisch beluisterd. De voorgelezen teksten kunnen per soera worden gedownload. Transformatie In de islamitische wereld van vandaag - vooral in de Arabische landen - worden
joden in speeches nog steeds regelmatig als varkens en
apen bestempeld
(www.geocities.com/mediacontrole/interviewurbainvermeulen21022004.html).
In de
Koran wordt niet letterlijk gesproken over
christenen en lichtgelovige
moslims, maar algemeen wordt aangenomen dat zij door
Allah ook in varkens en
apen veranderd werden. Voor
joden behoort de transformatie volgens de
Koran tot het verleden. Voor
moslims maakt de aangekondigde transformatie juist deel uit van de toekomst: niet-gelovige, afvallige
moslims zullen veranderd worden in varkens en
apen.
Symboolwerking De idee dat mensen door hogere machten gestraft worden door middel van transformatie in beesten, sterren of beelden is afkomstig uit de pre-islamitische samenlevingen. Varkens worden binnen de
islam verbonden aan beeldenverering: daarom is het verboden varkensvlees te eten.
Apen worden van oudsher in verband gebracht met het kwade en demonen.
De Hebreeuwse
Bijbel (het
Oude Testament) trekt geen parallel tussen mensen en dieren. Wel is het eten van varkensvlees bij wet verboden. Uit de letterlijke Bijbeltekst blijkt dat het een misverstand is te menen dat het verbod beperkt blijft tot varkens:
kosjer (spreek uit: koosjer) eten is ingewikkelder dan je denkt.
Deuteronomium 14 De volgende dieren mag u eten: runderen, schapen, geiten, 5 herten, gazellen, reeën, steenbokken, spiesbokken, antilopen, wilde schapen, 6 en alle andere dieren die gespleten hoeven hebben–dus hoeven die helemaal gedeeld zijn–en bovendien hun voedsel herkauwen. Dat zijn de dieren die u wel mag eten. 7 Maar dieren die alleen herkauwen of alleen gespleten hoeven hebben, mag u niet eten. Kamelen, hazen en klipdassen zijn herkauwers, maar hebben geen gespleten hoeven; daarom gelden ze voor u als onrein. 8 En zwijnen hebben wel gespleten hoeven, maar herkauwen niet; daarom moet u ook die als onrein beschouwen. Eet geen vlees dat van zulke dieren afkomstig is en raak hun kadavers niet aan. 9 Alles wat in het water leeft en vinnen en schubben heeft mag u eten, 10 maar dieren zonder vinnen of schubben niet; die gelden voor u als onrein. 11 Alle vogelsoorten die rein zijn mag u eten. 12 De volgende vogels mag u niet eten: de vale gier, de lammergier, de zwarte gier, 13 de rode wouw en de verschillende soorten buizerds, 14 alle soorten kraaien en raven, 15 de struisvogel, de velduil, de bosuil, alle soorten valken, 16 de steenuil, de ransuil, de katuil, 17 de dwergooruil, de visarend, de visuil, 18 de ooievaar, de verschillende soorten reigers, de hop en de vleermuis. 19 Ook gevleugelde insecten moet u als onreine dieren beschouwen, die u niet mag eten, 20 met uitzondering van enkele reine soorten. 21 U mag geen vlees eten van dieren die dood gevonden zijn. Laat het aan de vreemdelingen die bij u in de stad wonen, of verkoop het aan een buitenlander. Want u bent een volk dat aan de HEER, zijn God, gewijd is. (NBV) Jodendom Het volk
Israël mag ook geen varkens
hoeden: die bezigheid staat symbool voor minderwaardig werk.
In de (joodse)
Talmoed is een vers opgenomen, waarbij een aantal bouwers van de Toren van Babel door
God in
apen veranderd wordt. Tijdens de Arabische overheersing van
Spanje worden
joden in islamitische geschriften ‘
apen’ genoemd en
christenen ‘varkens en honden’.
Ook in het Nieuwe (christelijke) Testament worden
joden niet met dieren vergeleken. Varkens komen ter sprake in Marcus 5, als boze geesten
Jezus smeken in een kudde zwijnen te worden overgebracht.
Zend ons in de zwijnen, dat wij daarin varen. En Hij stond het hun toe. En de onreine geesten gingen uit en voeren in de zwijnen; en de kudde, ongeveer tweeduizend, stormde langs de helling de zee in en zij verdronken in de zee. (Marcus 5:12-14) Wel vergelijkt
Jezus mensen met andere dieren. De vergelijking hoort in allerlei talen tot het dagelijks spraakgebruik:
Bedenk wel, ik zend jullie als schapen onder de wolven. Wees dus scherpzinnig als een slang, maar behoud de onschuld van een duif. (Matth. 10:16)
Scheldpartij De christelijke kerkhervormer
Luther doet er ook aan mee. Hij zet de onfatsoenlijke vergelijking op schrift als hij merkt dat de joodse gemeenschap hem niet wil volgen. Hij noemt ze bij herhaling varkens, zeugen en zwijnen.
Niet van gisteren In de islamitische wereld wordt er vandaag nog hard aan mee gedaan. Citaat uit een artikel in de Groene van 18 augustus 2001: “En in een door
Hamas bestuurde lagere school dreunde de 11-jarige Ahmed een morbide tekst op: «Ik zal mijn bom tot een bom maken die het vlees van de
Zionisten, de zonen van varkens en
apen, uiteen zal doen spatten. Ik zal hun lichamen in kleine stukjes scheuren en ze meer pijn bezorgen dan ze zich ooit kunnen voorstellen.» «Mogen de maagden je genot geven», beantwoordde de stralende onderwijzer Ahmeds speech, refererend aan de bedekte seksuele belofte die de
koran doet aan heilige martelaren. «De meeste jongens kunnen hun gedachten niet van de maagden afhouden», vertelde een zestienjarige
Hamas-jeugdleider in
Gaza's Bureij-vluchtelingenkamp aan de Amerikaanse journalist. Na hun dood wacht hun familie een aardser beloning: 10.000 dollar van de Iraakse leider
Saddam Hoessein”.
Feitelijk incorrect Behalve discriminerend en denigrerend is de vergelijking ook aanvechtbaar, ja, zelfs zo misplaatst dat hij als
compliment kan worden uitgelegd. Geen van beide diersoorten vertoont de grenzenloze moordzucht van de mens. Volgens historici heeft de kroon op de
beschaving, de mens, in de 20e eeuw enorme aantallen soortgenoten omgebracht. Alleen al van overheidswege (
democide) zijn meer dan 200 miljoen (200.000.000) mensen van het leven beroofd.
Bovendien: beide diersoorten zijn voor de mens méér dan nuttig. De ene soort, het varken of zwijn, is een belangrijke schakel in de voedselvoorziening, hoewel varkensvlees in
jodendom en
islam verboden is. De andere soort, de aap, dient de mens als ‘optimaal’ proefdier voor allerlei medicijnen en als bron van vermaak in dierentuinen. Apenvlees geldt in delen van Afrika en Azië als bijzondere lekkernij. Sommige soorten ervan zijn bijna uitgestorven en daarom beschermd. Het verdient overweging ook de mens tot beschermde soort uit te roepen.
Niets bijzonders In het Nederlandse taalgebruik van vandaag is de discriminerende vergelijking met dieren de dagelijkse praktijk. Een paar voorbeelden: ‘lui varken’, ‘aap van een jongen’, ‘je parels niet voor de zwijnen werpen’, ‘je kamer lijkt wel een zwijnenstal’. Ook worden mannen, vrouwen en kinderen iedere dag vergeleken met paarden, koeien, runderen, honden, katten, konijnen, muizen, ratten,
slangen en andere beesten. Ook in andere talen dan de onze doet het verschijnsel zich voor:
underdog, topcat, cash cow. Onduidelijk blijft op welk fantasiedier onze oosterburen doelen met hun
‘Schweinhund’.