De georganiseerde (Joodse) beweging die al sinds eind 19e eeuw terugkeer naar het ‘beloofde land’ nastreeft. Er wordt over gedacht in uitersten. Voor de één is het een verheven streven - en op handen gedragen. Door de ander fel gehaat: ''de meest criminele onderneming aller tijden’.
Naam De aanduiding verwijst naar de berg
Sion bij
Jeruzalem. Voor religieuze
joden is die heilig. De aanhangers zijn de
zionisten: mensen die het (exclusieve) bezit van de staat
Israël in het eerdere
Palestina voorstaan. De ‘titel’ geldt niet uitsluitend voor religieuze
joden: er zijn ook christelijke en atheïstische, ‘ongelovige’ of ‘seculiere’ zionisten. Met ‘Eretz Israel’ wordt Groot-Israël bedoeld. Volgens sommige bronnen is dat het land
Israël van vandaag, inclusief grote delen van voormalig Oost-Palestina, het huidige
Jordanië.
Term De eerste die de aanduiding gebruikte was Nathan Birnbaum (1864-1937) in zijn in 1893 gepubliceerd boek 'De nationale wedergeboorte van het joodse volk in zijn land'. Al sinds de
diaspora keerde
Joden terug naar hun oude land. Voor die eerdere terugkeer (dan vanaf circa 1880) bestaan aanduidingen als prezionisme of protozionisme.
Reactie Het moderne
zionisme is een reactie op het
anti-semitisme en de Jodenvervolgingen in
Europa (
Dreyfus-affaire,
pogroms). Echter, de wens tot terugkeer naar het heilige land bestond ook al tijdens de
Babylonische ballingschap en de vele eeuwen van de
diaspora. In de afgelopen tweeduizend jaar zijn geregeld (geleerde, religieuze)
Joden teruggegaan naar wat in de
Bijbel wordt aangeduid als het
beloofde land. Bedreiging Vanaf het begin van de terugkeer van
joden naar
Palestina - rond 1900 - beschouwt de
Arabische wereld het
zionisme als een bedreiging. Men treedt het met het grootst mogelijke wantrouwen tegemoet. In 1897 richt de joodse journalist Theodor
Herzl - tijdens het Eerste Zionistische Congres in Bazel - de Zionistische Wereldorganisatie op. Zelf wordt hij de eerste president.
Twee kanten De (joodse) historicus
Benny Morris schrijft:
"Het zionisme heeft altijd twee gezichten gehad. Het ene is opbouwend, deugdzaam, in staat tot compromissen. Het andere is destructief, egoïstisch, militant en chauvinistisch-racistisch. Beide zijn echt en waarachtig”. Sommige mensen zien er een scherpe analyse in. Nuchter bekeken gaat de vergelijking op voor allerlei andere instituties, zoals het
kapitalisme en het
communisme, het
christendom, de rooms-katholieke
kerk, de
islam, en noem maar op.
Verhuizing Het bestuur van de zionistische beweging, dat zich in de jaren twintig nog in het buitenland bevindt, verplaatst zich halverwege de jaren dertig naar de
Yishuv, de joodse gemeenschap binnen het
Beloofde Land.
Contra Opmerkelijk: veel
orthodoxe joden zijn fel tegen het
zionisme en de oprichting van de staat
Israël gekant. Zij maken hun standpunten onder meer bekend via de website www.jewsagainstzionism.com.
Hun belangrijkste argument is dat de
Joden zich hadden moeten aanpassen in de landen waar zij onderdak hadden. Het recht op het heilige land zou ze door
God zijn ontnomen om hun goddeloze gedrag.
Achterhaald Sommige commentatoren stellen dat het
zionisme een anachronisme is, een uit de tijd geraakt begrip. Volgens hen is
kolonisatie niet meer van deze eeuw. De wens om een eigen Joods land te bezitten is volgens hen niet haalbaar. De
Joden moeten, net als veel andere moderne westerse naties, maar accepteren dat een deel van de bevolking van hun land uit buitenlanders, zgn. ‘allochtonen’ bestaat. In werkelijkheid bestaat de zgn. Joodse staat,
Israël dus, voor meer dan 20% uit niet-Joden: voornamelijk Palestijnse Arabieren en Arabische
christenen.
Eerst wel, later toch niet In 1975 veroordeelt de Algemene Vergadering van de
Verenigde Naties het
zionisme als een vorm van
racisme en raciale
discriminatie. De
USA en de leden van de E.G. stemmen tegen. Sommige critici beschouwen de veroordeling als de grootste aanfluiting in de geschiedenis van de
VN. De
VN-resolutie wordt in 1991 formeel herroepen. In veel krantencommentaren en op vele duizenden websites wordt van dat laatste – al dan niet opzettelijk - geen melding gemaakt.
Op het
VN-wereldcongres tegen
racisme in Durban, Zuid-Afrika (aug.-sept. 2001) klinkt opnieuw de oproep om de staat
Israël en de zionistische beweging wegens
racisme te veroordelen.
Begrippen De felle oppositie die sinds 1880 van alle kanten tegen het
zionisme - dus de wens tot terugkeer naar
Israël - is en wordt gevoerd gaat de geschiedenis in als het
antizionisme. Sommigen zien in het
zionisme zelfs een ‘criminele organisatie, gesteund door de criminelen in het Witte Huis’.
Een ander begrip is het
antisemitisme: de in algemenere zin op
alle joden gerichte raciale haat. De begrippen worden vaak door elkaar gehaspeld. Ze dekken voor een deel dezelfde lading en gaan soms ongemerkt en ongewild in elkaar over.
Tegenstand en steun De christelijke wereld heeft zich vanaf het begin tegenover
Joden discriminerend opgesteld. In rooms-katholieke kringen, maar ook onder de protestanten, is sprake van openlijk
antisemitisme. Dat geldt net zo voor de houding naar het zionistisch streven.
Aan de andere kant bestaat er ook sympathie en begrip voor de zionisten. Zelfs is er daadwerkelijke, praktische steun - van onder meer de
Christen-Zionisten (ICAJ; ICEJ).
De
Arabische wereld keert zich in felle bewoordingen tegen wat omschreven wordt als de
zionistische entiteit. In grote lijnen geldt voor de islamitische wereld hetzelfde. Tegen de ‘zionistische indringer en onderdrukker’ woedt daar, meer nog dan tegen het Westen, een felle
propaganda.